De inrichting van de “bovenbouw” op de VSP (klassen 4, 5 en 6, oftewel in vrijeschooltermen klassen 10, 11 en 12) is niet alleen uniek voor een vrijeschool, maar ook voor reguliere scholen.

Het leerpark is een voor het voortgezet onderwijs volledig nieuwe manier van lesgeven: het is ‘vraaggestuurd onderwijs’. Er wordt niet meer gewerkt met het oude klassikale model (waarbij 1 docent stof aanbiedt aan 1 klas), maar de leerlingen krijgen zogenaamde “studiewijzers”. In deze studiewijzers – die ieder een eigen onderwerp hebben – staat aangegeven wat de leerlingen moeten weten aan het einde en hoe ze daar moeten komen. De leerling gaat vervolgens zelf aan de slag en haalt zijn kennis vanuit digitale leeraanbod (via internet) en uit boeken. Daarnaast krijgt de leerling ook klassikaal les in de betreffende lesstof.  In de Studiewijzer staat niet alleen aangegeven welke stof de leerling aan het einde moet beheersen, er staan ook opdrachten in die de leerling moet maken. Vooraf wordt aangegeven na hoeveel weken de leerling de studiewijzer “af” moet hebben. In dat hele proces speelt de coach een grote rol: dat is een ervaren docent die wekelijks minimaal één keer per week en indien nodig vaker overleg heeft met de leerling om te bespreken hoe hij of zij vordert. Mocht de leerling op een probleem stuiten – bijvoorbeeld als hem of haar iets niet duidelijk is –  wordt samen bekeken hoe de leerling het op kan lossen. De functie van coach is essentieel voor het leerpark. Iedere coach heeft een beperkt aantal leerlingen onder zijn of haar hoede, zodat iedere leerling voldoende aandacht kan krijgen. Het leerpark maakt dat de leerlingen veel zelfstandiger worden, waardoor zij beter voorbereid zijn op een vervolgstudie.

Nu zijn er wel al scholen die met een individuele digitale leeromgeving werken, maar dat betreft vrijwel altijd alleen de eerste drie klassen, juist niet de hogere klassen. De VSP is van mening dat juist in de eerste klassen dit individuele onderwijs niet optimaal is: de leerlingen zijn in het algemeen nog te jong om volledig zelfstandig goed te kunnen plannen. Daarbij vindt de vrijeschool het sociale aspect heel belangrijk, iets wat eigenlijk alleen te realiseren is in klassen. De leerlingen leren zo niet alleen samen te werken, maar de sociale interacties zijn onontbeerlijk voor de persoonsontwikkeling. Daarom zullen de eerste drie klassen op de vrijeschool Parkstad altijd “klassikaal” blijven. Pas in de 10e klas (4e leerjaar) is de leerling er aan toe om op deze manier zelfstandig te werken. Daarom start het leerpark ook pas in dat jaar. Maar de klassen blijven wel bestaan: periodeonderwijs en bijvoorbeeld de kunstvakken doen de leerlingen nog steeds in hun “eigen” klas.

Het voordelen van het leerpark:

  • de leerling leert te werken op de wijze die op de universiteit, het HBO en inmiddels ook steeds vaker op het MBO gehanteerd wordt; de overstap naar vervolgonderwijs wordt daardoor makkelijker.
  • zelfstandigheid, plannen en organiseren worden op deze wijze goed ontwikkeld.
  • Leerlingen die in een bepaald vak goed zijn, worden in de hogere jaren niet gedwongen om lange lessen te volgen over een onderwerp dat ze al beheersen
  • Daardoor blijft er meer tijd over om te besteden aan de vakken waar een leerling niet zo goed in is.
  • Iedere leerling heeft een coach; de coach is aanspreekpunt als een leerling vastloopt en heeft in ieder geval wekelijks contact met de leerling. Hij controleert of een leerling op schema ligt, of dat er wellicht extra’s gedaan moet worden.

De eerste ervaringen zijn positief: in 2019 – het eerste jaar dat er eindexamen werd afgenomen (vmbo-tl) slaagden met deze methode 11 van de 14 leerlingen. Het jaar 2020 – toen ook HAVO examens werden afgenomen – slaagde iedereen. Het resultaat is weliswaar niet geheel vergelijkbaar ivm Corona, maar als de lijn van het voorgaande jaar wordt voorgezet ( toen de resultaten van de schoolexamens op vrijwel hetzelfde niveau lagen als die van het landelijk examen) zou met het landelijk examen alsnog iedereen geslaagd zijn. In het jaar 2021 zijn alle vmbo leerlingen geslaagd, 14 van de 17 havo leerlingen en 4 van de 5 vwo leerlingen.

Leuk om te weten: toen de Onderwijsinspectie twee jaar geleden de school heeft bezocht en gecontroleerd, waren de inspecteurs informeel heel lovend over het Leerpark (naast het feit dat ze de sociale veiligheid op school roemden). Zij zagen dit echt als onderwijs voor de toekomst!

ACTUEEL: vanaf schooljaar 2021-2022 hebben VSP, Grotius en Compass besloten voor de HAVO 4 en 5 en VWO 4,5 en 6 leerlingen samen te gaan werken. De belangrijkste reden hiervoor is dat de leerlingenaantallen van de afzonderlijke scholen te klein zijn om in de toekomst een kwalitatief goede bovenbouw te kunnen blijven garanderen. Doordat er door de samenwerking meer leerlingen zijn kan dat wel. Het eerste jaar zal een transitiejaar zijn, het begint alleen met de leerlingen van de 10e klas (bij Grotius en Compass is dat de 4e klas), de VSP leerlingen blijven dat jaar grotendeels nog les krijgen op de Drieschstraat. Het jaar erop – dus in 2022- 2023 – komt er een nieuwe lichting bij (de Havo leerlingen zullen dat jaar dan eindexamen doen) en vanaf 2023-2024 is er ook een VWO eindexamenklas. In 2021-2022  zijn er circa 120 leerlingen, bij een volgroeide bovenbouw zullen dat er ongeveer 250 tot maximaal 300 zijn, het blijft dus een beperkte omvang. Voor de mavo-4 leerlingen van VSP verandert er vrijwel niets ten opzichte van de oude situatie, zij blijven volledig les hebben op de Drieschstraat. In het transitiejaar wordt bekeken hoe de uiteindelijke samenwerking vormgegeven zal worden en ook welke specifieke onderdelen van de betreffende school voor hun eigen leerlingen behouden kunnen worden. 

Het programma van de bovenbouw is nieuw ontwikkeld, maar komt voor een heel groot deel overeen met de bestaande bovenbouw van VSP. Er wordt ook gewerkt met studiewijzers en iedere leerling krijgt een eigen coach. Belangrijkste verschil voor de VSP leerlingen is dat de periodelessen anders worden. Nu is dat 3 weken iedere dag de 1e twee uur, in de nieuwe bovenbouw is dat 3 x per week de eerste twee uur, maar dan wel 5 weken lang, waarbij de laatste week een reflectie en presentatieweek is. Deze uren worden niet meer periodeonderwijs genoemd, maar themaonderwijs. Er worden dus over het hele jaar minder thema’s gegeven dan dat er periodes gegeven werden. Voordeel voor de VSP leerlingen is in ieder geval dat de leerlingen direct na afloop van de thematijd een reflectie ontvangen, die ze direct kunnen gebruiken voor de nieuwe thematijd. In het oude systeem was het zo dat de reflectie – de feed-back – van een periode pas gegeven werd na de volgende periode (en soms zelfs pas 2 periodes later), wat niet altijd als positief werd ervaren. Aan het einde van dit transitiejaar zal worden bekeken of deze manier het jaar erop wordt voortgezet, dan wel of er toch nog aanpassingen wenselijk zijn.